Rob Lubbersen

KRITIEK een nieuwe wetenschappelijke uitgave van en voor socialisten


Bron: De Internationale, Nederlandstalig theoretisch orgaan van de IVe Internationale, januari 1992, nr. 41
Deze versie: spelling
Transcriptie/HTML en contact: Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive
| Hoe te citeren? — Graag bronvermelding !

Qr-MIA

       


Deel deze tekst met een kennis
Het e-mailadres:


Voor sommige mensen zit de wereld nog steeds eenvoudig in elkaar. Kapitalisme veroorzaakt uitbuiting en onderdrukking. Daar knok je tegen. Al doende vecht je tegelijkertijd voor het socialisme. Voor een maatschappij van solidariteit zonder oorlog en ellende. Niet te veel piekeren, is hun devies.

Voor een veel grotere groep mensen is de wereld te ingewikkeld en daarmee oninteressant geworden. De socialistische beweging is voor hen een nieuw Atlantis. Een droomachtige herinnering aan ideeën, verwachtingen, acties en organisaties, die voorgoed verloren zijn gegaan, overspoeld door onbeheersbare en deels onbegrijpelijke krachten. Zij piekeren nog wel, maar niet meer over “grote zaken”.

Slechts weinigen worstelen met de vraag hoe de talrijke en snelle veranderingen in de economische, politieke en ideologische verhoudingen kunnen worden begrepen en hoe deze veranderingen kunnen worden verbonden aan een streven naar een rechtvaardiger wereldordening. Zij piekeren heel wat af; niet in de laatste plaats over de rol die het marxistische erfgoed bij dit alles in de toekomst wel en niet kan spelen.

Tot deze laatste groep behoren ongetwijfeld degenen die hebben zorg gedragen voor de publicatie van KRITIEK, Jaarboek voor socialistische discussie en analyse.

Twee jaar geleden togen zij aan het werk, met als credo: “Wij denken dat er een publicatie nodig is waarin de vluchtigheid van alledag en de hokjesgeest doorbroken worden. Ook al kent het “wetenschappelijk socialisme” nauwelijks nog aanhang, toch geloven wij dat het voor een levendige en geloofwaardige radicale politiek nodig is op basis van degelijke studies en van reflectie een algemene kritiek op de bestaande maatschappij te formuleren en de aanzetten van een algemeen alternatief te schetsen. Daarbij gaan we ervan uit, dat het socialistische kind niet met het badwater moet worden weggegooid. Veel van de oude socialistische en marxistische axioma’s staan ter discussie, maar wij denken dat het antisocialistische klimaat dat in linkse intellectuele kringen steeds meer voet aan de grond krijgt even eenzijdig is, als het kritiekloos omarmen van de zogenaamde socialistische landen in het verleden.”

Vanaf oktober 1991 ligt KRITIEK bij de boekhandel. En zie: socialistisch piekeren kan tot zeer aanvaardbare resultaten leiden.

Keurig verzorgd en vormgegeven biedt KRITIEK op 174 bladzijden voor de somma van f29,50 een negental artikelen van linkse wetenschappers uit diverse stromingen over politieke, culturele, filosofische en historische onderwerpen. Behandeld worden “een poststalinistisch socialisme” (door Wim Bot), “de crisis van het partijwezen” (door Cajo Brendel), “de toekomst van de ziektekostenverzekering” (door Martien Bouwmans), “de landbouwpolitiek” (door Wim van Noort), “avontuur of impasse in de filosofie” (door Jeroen Bartels), “de Nederlandse revolutie in de 16e eeuw” (door Marcel van der Linden), “linkse spijtoptanten” (door Joost Kircz), “de vrouwenbeweging in de derde wereld en in het westen” (door Ilse Lenz) en “het posthegemoniale tijdperk” (door Immanuel Wallerstein).

Het is ondoenlijk in kortbestek alle bijdragen te behandelen. Daarvoor zijn de beschreven onderwerpen te uiteenlopend en bovendien bevat elk artikel voldoende stof voor een discussie op zich. Wel kan worden opgemerkt dat de redactie hoge eisen heeft gesteld aan leesbaarheid en onderbouwing. Het minst is dit gelukt in de bijdrage van de nota bene zeer gerenommeerde historicus Wallerstein. Zijn bijdrage maakt een zeer haastige en oppervlakkige indruk. Dat wordt echter ruimschoots gecompenseerd door de goed gedocumenteerde bijdrage van Jeroen Bartels, die erin slaagt om de essenties in het denken over de relatie tussen mens en wereld, tussen, idee en werkelijkheid, voor het voetlicht te halen.

De hamvraag blijft natuurlijk die naar het bestaansrecht van KRITIEK als totaal. In het tamelijk theorie arme Nederland moet die vraag eigenlijk maar snel bevestigend worden beantwoord. KRITIEK is zonder meer een verrijking. Het is begonnen om de belofte “bijdragen aan een algemene kritiek op de bestaande maatschappij en aan aanzetten voor een algemeen alternatief” in te lossen. In het bijzonder in de artikelen van Bartels, Bot, Kircz en Van der Linden worden kwesties aangedragen die van levensbelang zijn voor de ontwikkeling van een (nieuwe) socialistische wereldbeschouwing. Het gaat daarbij om zaken als “de rol van de utopie in de strijd voor het socialisme”, “de verhouding tussen staatsmacht en civiele macht (Gramsci!)”, “de mogelijkheid van economische planning”, “het verband tussen socialisme en stalinisme”, “tegenstellingen binnen de arbeidersklasse”, “de relatie tussen zijn en bewustzijn, tussen bewuste klasseactie en histories resultaat, tussen uniciteiten en wetmatigheid “(postmodernisme!) en “de validiteit van de marxistische geschiedopvatting”.

Allen kwesties die in het tweede nummer van KRITIEK hopelijk verder worden uitgediept.